Drie op vier personen die overlijden door zelfdoding zijn mannen. Het aantal zelfdodingen ligt bij mannen bijna drie keer hoger dan bij vrouwen. Zelfdoding is het gevolg van een complex samenspel van factoren: de aanwezigheid van risicofactoren en de afwezigheid van voldoende beschermende factoren zoals hulp zoeken en vinden. Recent onderzoek van het Vlaams Expertisecentrum Suïcidepreventie (VLESP) naar hulpzoekend gedrag en ervaren noden bij personen met zelfmoordgedachten toont aan dat mannen aanzienlijk minder hulp zoeken. Zo geeft 26% van de mannen met zelfmoordgedachten aan helemaal geen hulp te zoeken, tegenover slechts 8% van de vrouwen. De verschillen zijn zichtbaar binnen het eigen sociale netwerk (familie vrienden, ...), maar zijn nog groter als het gaat over professionele hulpverlening.
Hardnekkige overtuigingen en maatschappelijke verwachtingen houden mannen tegen De kloof in hulpzoekend gedrag blijkt sterk verbonden met hardnekkige overtuigingen en taboes die nog steeds leven in onze maatschappij. Uit het onderzoek blijkt dat mannen de nood aan hulp vaak niet (h)erkennen. Vaak minimaliseren of normaliseren ze hun zelfmoordgedachten. Gedachten als “mijn problemen zijn niet ernstig genoeg”, “deze gedachten horen bij het leven en zullen niet veranderen” of “ik moet het zelf oplossen en anderen niet lastigvallen” zorgen ervoor dat vele mannen blijven zwijgen.
“Er is een mentale drempel die het moeilijk maakt om toe te geven dat je die hulp nodig hebt.”
X, deelnemer aan het onderzoek
“Dat ik heel lang gewacht heb met hulp te zoeken is eigenlijk door zelf het idee te hebben dat het allemaal zo erg niet is en dat ik niet gebruik moet maken van hulp en dat ik hulp ga wegnemen van personen die wel echt hulp kunnen gebruiken. Dus ik besefte eigenlijk niet hoe erg het met mezelf gesteld was.”
Y, deelnemer aan het onderzoek
Ook de bredere maatschappelijke context speelt een rol. Nog steeds leven er hardnekkige gendernormen die emoties tonen, mentale moeilijkheden benoemen of hulp vragen voor mannen minder vanzelfsprekend maken. Die beperkte ruimte om over mentaal welzijn te spreken kan ertoe bijdragen dat signalen langer onzichtbaar blijven en dat mannen pas heel laat of helemaal geen hulp zoeken. Het onderzoek toont ook dat negatieve ervaringen met hulp mannen kunnen ontmoedigen om later opnieuw hulp te zoeken. Het is daarom belangrijk dat zowel de omgeving als hulpverleners alert zijn voor signalen en ruimte creëren waarin mannen zich gehoord en begrepen voelen.
Nieuw initiatief roept op om te laten zien wat er aan de binnenkant zit
Verder bouwend op de in 2022 gelanceerde “Kom uit je Kop” website voor mannen lanceert het Vlaams Expertisecentrum Suïcidepreventie (VLESP) samen met fashion retailer e5 een nieuwe sensibiliseringscampagne aan de hand van de t-shirtcollectie “Kom uit je Kop”. De t-shirts zijn zo ontworpen dat elementen die normaal gezien binnenin staan (bv. het label en de wasinstructies) nu aan de buitenkant staan. Deze campagne, die kadert binnen het derde Vlaams actieplan Suïcidepreventie, wil niet alleen mannen aanmoedigen om te tonen wat ze in hun hoofd of binnenin houden, maar wil ook de omgeving aansporen oog te hebben voor mannen die het moeilijk hebben en steun te bieden.
“Met deze campagne willen we mannen ondersteunen en helpen inzien dat zelfmoordgedachten een belangrijk alarmsignaal zijn, maar dat deze ook verholpen kunnen worden. Daarnaast willen we ook de omgeving oproepen om oprecht aandacht te hebben voor de mannen. Door sociale steun en verbinding te bieden en door ons bewust te zijn van onze eigen vooroordelen rond mannen en hulp zoeken, kunnen we een verschil maken. Met de Tshirts en de getuigenissen willen we dit taboe doorbreken en dit onderwerp bespreekbaar maken.” Prof. Dr. Gwendolyn Portzky, directeur VLESP
Bekende gezichten delen hun verhaal
“Bij de campagne horen een aantal getuigenissen van mannen die worstelden met zelfmoordgedachten en die mee betrokken waren bij de ontwikkeling van de campagne. Daarnaast wordt de lancering ondersteund door drie bekende gezichten: Sander Gillis, Björn Soenens en Joris van Rossem (Metejoor), die elk hun eigen redenen hebben om mee te doen. “Ik hoop dat deze campagne de drempel nog een beetje kan verlagen. We zijn goed bezig, maar er heerst toch nog steeds een soort van machocultuur en die mag stilaan plaatsmaken voor mensen met gevoelens, mannen mét gevoelens. Man mét gevoelens betekent dat elke man emoties heeft, net als elke vrouw die heeft. Elke mens heeft gevoelens en die mogen er zijn.”
Joris van Rossem - Ontdek hier zijn getuigenis (video)
“Het is heel herkenbaar hoe moeilijk mannen het hebben om gewoon los over gevoelens te praten of over wat er in hun kop omgaat. Dat is meestal iets wat wij mannen, om het heel cliché te zeggen ‘nogal snel afsluiten’, of niet graag mee te koop lopen. Er is altijd de drang om het luchtig en oppervlakkig te houden. Ik hoop dat vooral omgevingen betere antennes gaan krijgen. Dat je sneller gaat kunnen zien, voelen aan iemand van uw omgeving dat hij nood heeft aan een babbel die wat dieper gaat. Wat meer luisteren, wat meer tijd voor elkaar maken.”
Sander Gillis - Ontdek hier zijn getuigenis (video)
“Praten is de eerste stap naar herstel, maar niet het eindpunt. Veel mannen zijn opgevoed met het idee dat een man stoer moet zijn en zijn gevoelens voor zich moet houden. Wat een onzin is dat! Echte mannen, denk ik, zijn mannen die ook zeggen wat er op de lever ligt en waar het om draait. Ik raad mannen aan om veel in te checken bij hun eigen vrienden, zodat hun eigen vrienden ook bij hen inchecken. Mensen zeggen ‘als er iets is, bel mij maar’. Mensen in problemen zullen niet bellen, ze moeten gebeld worden. Het is ok om niet ok te zijn en om even te leunen op anderen.”
Björn Soenens - Ontdek hier zijn getuigenis (video)